De patiënten in Soedan zijn er nog steeds. De zorgcentra die ze nodig hebben verdwijnen.

Leestijd: Minuten
 

In heel Soedan blijven oorlog, honger, ziekte en voortdurende ontheemding het leven van miljoenen mensen ontwrichten. Tegelijk zorgen besparingen op internationale humanitaire hulp ervoor dat gezondheidscentra hun deuren moeten sluiten en dat medicijnen verdwijnen uit de rekken van de voorzieningen die nog open zijn. De afstand tussen ziek zijn en zorg krijgen wordt almaar groter. Artsen Zonder Grenzen (AZG) kan sommige diensten overeind houden, maar kan een afbrokkelend gezondheidssysteem niet vervangen. 

Toen Sedra haar pasgeboren dochter voor het eerst zag, verkeerde ze zelf in levensgevaar. Haar bloeddruk steeg gevaarlijk, haar zicht werd wazig, haar oren suisden en haar lichaam begon te beven. Er spookte maar één vraag door haar hoofd: "Zal mijn dochter opgroeien en blijven leven, of zullen we haar verliezen?", vertelt Sedra. "Ik heb veel gehuild. Eerlijk gezegd had ik zelf niet verwacht dat ik het zou overleven." 

Een arts nam haar op in het Zalingei Teaching Hospital in Centraal-Darfoer. Haar pasgeboren dochter had gespecialiseerde zorg nodig vanwege ondervoeding met complicaties. Vandaag komt het meisje goed bij in gewicht, terwijl Sedra, zelf medisch assistente, haar herstel nauwlettend opvolgt. 

Zorg wordt steeds moeilijker bereikbaar 

Sedra en haar dochter kregen op tijd de zorg die ze nodig hadden. Maar voor veel mensen in Soedan is dat allerminst vanzelfsprekend. Oorlog, ontheemding, aanvallen op gezondheidsvoorzieningen, reisbeperkingen en vernielde infrastructuur doen de medische noden toenemen. En hoewel de recente financieringsproblemen deze gezondheidscrises niet hebben veroorzaakt, ondermijnen ze wel de diensten die nodig zijn om ziekten te voorkomen, op te sporen en te behandelen. 

Sedra en haar kindje

In Hamidiya, in Centraal-Darfoer, vond Safa veiligheid nadat ze eerst uit El-Fasher en later uit Kabkabiya in Noord-Darfoer was gevlucht. Haar vader kwam om door het geweld en haar familie raakte verspreid. Tot op vandaag weet ze niet waar alle familieleden terechtgekomen zijn. 

"Hier is het relatief veilig", zegt Safa. "Maar er is geen gezondheidszorg en er is geen werk." 

Voor het conflict uitbrak had ze twee van de vier jaren van haar opleiding verpleegkunde afgerond. Ze hoopt die opleiding ooit te kunnen afmaken. Voorlopig draait haar dagelijkse leven, net als dat van vele anderen, vooral om één ding: voedsel vinden. 

"De dag is bijna voorbij en ik heb nog geen enkele hap gegeten", vertelt ze. 

De internationale hulporganisatie die het gezondheidscentrum in haar buurt ondersteunde, heeft haar activiteiten stopgezet. Om een andere werkende kliniek te bereiken, moet Safa ongeveer twee dollar betalen voor vervoer. Een dagloner in Darfoer verdient gemiddeld één dollar per dag. De verplaatsing kost dus ongeveer twee dagen loon, waardoor gezinnen vaak moeten kiezen tussen medische zorg en eten. 

"Met dat geld kan ik ook voedsel kopen", zegt ze. "Zonder eten kan er geen gezondheid zijn." 

"Kinderen sterven daardoor" 

Vaccinaties die vroeger in het centrum beschikbaar waren, worden er niet langer aangeboden. Testen beperken zich grotendeels tot malaria. Kinderen worden ziek door andere aandoeningen, maar veel gezinnen kunnen zich de kosten voor behandeling niet veroorloven. 

"Kinderen sterven daardoor", zegt Safa.

Een moeder met haar baby
Een moeder geeft haar kind plumpynut, om ondervoeding te bestrijden.

Jaffer, een medisch assistent in het gezondheidscentrum van Hamidiya, zag hoe de dienstverlening geleidelijk instortte. Hij werkte er vijftien jaar lang. Het centrum bood medische consultaties, moeder- en kindzorg, voedings- en geestelijke gezondheidszorg aan en beschikte over een apotheek met geneesmiddelen voor chronische aandoeningen. Na de financieringsproblemen zijn er nog slechts zeven vrijwilligers actief. 

"Nu de humanitaire organisatie is vertrokken, zitten we in de problemen", zegt Jaffer. "Er zijn geen medicijnen meer." 

"Vroeger konden we dagelijks tussen de 150 en 200 patiënten ontvangen. Vandaag zijn dat er nog maar 30 tot 40." 

Dat lagere aantal betekent niet dat de bevolking gezonder is geworden. Mensen maken eenvoudigweg de verplaatsing niet meer naar een centrum dat hen toch niet meer kan helpen. De ziektes zijn niet verdwenen, maar de zorg wel. De vrijwilligers blijven terugkomen om de overgebleven uitrusting te beschermen, in de hoop dat een andere organisatie de activiteiten zal overnemen.

De ziektes verdwijnen niet wanneer een kliniek sluit 

Het centrum van Jaffer staat niet alleen. In mei rapporteerde AZG dat meer dan 45 eerstelijnsgezondheidscentra in Centraal-Darfoer hun ondersteuning verloren. 

"Een kliniek sluiten doet geen enkele patiënt verdwijnen", zegt Sebastián Traficante, noodcoördinator van AZG in Darfoer. "Mensen trekken naar de volgende beschikbare voorziening, vaak later, na een langere en duurdere reis, en meestal in een ernstigere toestand. De ziekenhuizen die ze bereiken, zitten vaak al vol. AZG kan sommige diensten versterken, maar we kunnen niet elke sluiting opvangen." 

In het ziekenhuis van Kas, in Zuid-Darfoer, bracht Rahma achttien dagen door aan het bed van haar éénjarige kind. Het kind werd opgenomen met meningitis, malaria en ernstige acute ondervoeding. Na meer dan twee weken behandeling begon het langzaam te herstellen. 

"We hebben uren gereisd om dit ziekenhuis te bereiken", vertelt Rahma. "Het kleine ziekenhuis bij ons dorp heeft zijn deuren gesloten. Nu is er nergens dicht bij huis nog zorg beschikbaar. Zelfs als je een arts vindt, zijn er geen medicijnen. En wat kan een dokter zonder medicijnen doen?" 

"Wanneer een kind na uren reizen in het ziekenhuis aankomt, behandelen we vaak meerdere levensbedreigende aandoeningen tegelijk", zegt dr. Saiful Islam, medisch coördinator van AZG in Soedan. "Ernstige ziekte vereist onmiddellijke zorg, terwijl ernstige ondervoeding een kind veel kwetsbaarder maakt voor infecties. Een kliniek kan tientallen kilometers verderop sluiten, maar de medische gevolgen belanden uiteindelijk wel op onze afdelingen." 

Zorgverlener van AZG

Een gezondheidssysteem onder druk 

Het ziekenhuis van Kas is slechts één ziekenhuis in één deelstaat. Volgens de Verenigde Naties zullen in 2026 naar schatting 33,7 miljoen mensen in Soedan humanitaire hulp nodig hebben. De Wereldgezondheidsorganisatie schat dat 21 miljoen mensen geen toegang hebben tot gezondheidszorg en dat 37 procent van de gezondheidsvoorzieningen niet meer functioneert. 

Ook honger blijft gezinnen zwaar treffen. Tussen februari en mei kampten bijna 19,5 miljoen mensen met ernstige voedselonzekerheid. Verwacht wordt dat dit jaar 825.000 kinderen jonger dan vijf jaar zullen lijden aan ernstige acute ondervoeding. 

De peuter Mubashir verbleef zestien dagen in het therapeutisch voedingscentrum van AZG in het Zalingei Teaching Hospital. 

"Ze gaven hem melk en medicijnen", vertelt zijn vader Mohammed Khamis. 

Mubashir herstelde, maar thuis wacht opnieuw hetzelfde probleem: gebrek aan voedsel. Steeds minder organisaties zijn nog actief in de voedselbedeling, en Mohammed vertoont zelf al tekenen van ondervoeding. 

"Er is niet genoeg eten voor mijn kinderen", zegt hij. "We worden zwakker." 

Honger en ziekte versterken elkaar 

Terwijl steeds meer diensten verdwijnen, neemt de druk op de overblijvende voorzieningen toe. Het aantal opnames in de door AZG ondersteunde ziekenhuizen van Zalingei en Rokero lag tussen januari en april 2026 22,5 procent hoger dan in dezelfde periode een jaar eerder. Oorlog, ontheemding, ziekte en honger spelen hierin allemaal een rol, maar elke gesloten kliniek beperkt de keuzemogelijkheden van patiënten nog verder. 

Ook in Oost-Soedan zijn de gevolgen zichtbaar. In het vluchtelingenkamp Tanedba wonen ongeveer 18.400 mensen. Door hun vluchtelingenstatus kunnen zij buiten het kamp geen gezondheidszorg zoeken. Acht organisaties hebben er hun activiteiten stopgezet. De organisaties die blijven werken kampen met financiële problemen en bieden minder diensten aan. 

Safa vertelt haar verhaal

In juni trok een humanitaire organisatie zich onverwacht terug uit het kamp, waardoor zwangere vrouwen plots geen toegang meer hadden tot veilige bevallingszorg, waaronder spoedkeizersneden. AZG verzorgt nu de dringende bevallingen in het kamp en verwijst vrouwen die een operatie nodig hebben door naar Al-Gedaref of Hawata, op drie tot vier uur rijden. 

Die lange verplaatsingen dreigen nog moeilijker te worden. "Het regenseizoen komt eraan, en daarmee ook malaria", waarschuwt Jaffer. 

Door de regen worden wegen moeilijk of zelfs onmogelijk begaanbaar. Doorverwijzingen verlopen trager, bevoorrading raakt geblokkeerd en malaria, watergebonden ziekten en seizoensgebonden ondervoeding nemen tegelijk toe. 

De gevolgen van financieringsproblemen zijn niet meteen omkeerbaar 

Zelfs als organisaties hun activiteiten opnieuw zouden opstarten, zou dat niet van vandaag op morgen gebeuren. Een verantwoorde overdracht vraagt tijd, opgeleid personeel, medicijnen, transportmiddelen en voldoende middelen om de zorg duurzaam te blijven aanbieden. 

"De oorlog doet de humanitaire noden in Soedan toenemen, terwijl de financiering voor de hulp afneemt", zegt Muhammad Ibrahim, hoofd van de AZG-missie in Soedan. "Het werk van AZG in Soedan hangt niet af van overheidsfinanciering. Maar wanneer andere gezondheidsdiensten hun financiering verliezen, sluiten klinieken, hebben patiënten minder plaatsen waar ze terechtkunnen en verschuift de druk naar de voorzieningen die wel openblijven, waaronder die van ons. Donoren moeten essentiële gezondheidsdiensten beschermen en blijvend, flexibel financieren." 

Overleven hangt af van wat nog overeind blijft 

Sedra durft ondertussen weer dromen van de toekomst van haar dochter. Misschien wordt ze later ingenieur. Of arts. 

"Ze is er nog", zegt Sedra. In Soedan betekent dat simpelweg: ze leeft nog. 

Die toekomst is mogelijk omdat er een ziekenhuisafdeling open was, omdat er een arts aanwezig was en omdat de nodige behandeling beschikbaar was. Voor steeds minder gezinnen in Soedan zijn die drie voorwaarden nog vanzelfsprekend. 

Overleven hangt vandaag vaak af van de volgende maaltijd, het volgende geneesmiddel, de volgende veilige doorverwijzing of de volgende kliniek waarvan de deur nog openstaat. 

De patiënten in Soedan zijn er nog steeds. De klinieken, medicijnen en hulporganisaties waarvan zij afhankelijk zijn, moeten er ook blijven.